Leonardo

Toppresteerders in het Leonardo College: “Voor mij is het allerbelangrijkste dat ik gelukkige kinderen zie.”

Leerlingen die uitblinken kunnen in het Leonardo College terecht in het Da Vinci-traject, een apart spoor voor onze toppresteerders. Wij geloven in de persoonlijke groei van elke leerling en daarom dagen we sommige leerlingen extra uit. In onze school zitten momenteel 1256 leerlingen, allemaal met specifieke behoeften. Via projecten, extra vakken en begeleiding op maat kunnen cognitief sterk functionerende leerlingen openbloeien. Evy Van Bont is een van de leerkrachten die haar schouders heeft gezet onder de Da Vinci-groep. Zij coördineert samen met enkele andere collega’s de werking in de 2de en 3de graad.

“Ik wil dat leerlingen gedurende het schooljaar hun eigen gereedschapskist om te leren verder vullen.”

Wat is het profiel van een Da Vinci-leerling en hoe verloopt de selectie?

Algemeen wordt ervan uitgegaan dat ongeveer 10% van de leerlingen cognitief sterk functioneert. Binnen die groep bevindt zich een kleinere groep van ongeveer 3% hoogbegaafde leerlingen. Ook binnen onze school merken we dat heel wat leerlingen nood hebben aan meer uitdaging dan het reguliere aanbod soms kan bieden.

Toch gaat Da Vinci voor ons over meer dan alleen cognitieve prestaties. We willen elke leerling maximaal tot leren brengen. Dat betekent dat we niet alleen kijken naar leerlingen die moeite hebben met bepaalde leerstof, maar ook naar leerlingen die meer uitdaging aankunnen en anders misschien onder hun niveau gaan presteren.

Een cognitief sterke leerling is dan ook niet noodzakelijk een leerling met hoge punten. Soms zien we net leerlingen die in hun resultaten of motivatie niet laten zien wat er werkelijk in hen zit. Daarom kijken we bij de selectie naar het volledige profiel van een leerling: hoe iemand redeneert, verbanden legt, problemen oplost, nieuwe leerstof verwerkt, vragen stelt en reageert wanneer hij of zij wordt uitgedaagd. De observaties van leerkrachten en de bespreking tijdens de klassenraad zijn hierin heel belangrijk.

We organiseren bovendien een infosessie voor leerlingen van de tweede en derde graad, waarin we uitleggen wat het Da Vinci-project inhoudt. Leerlingen kunnen daarna aangeven of ze interesse hebben. Maar ook leerlingen die zichzelf niet als cognitief sterk zien, kunnen door hun leerkrachten worden voorgedragen. In de klassenraad bekijken we uiteindelijk alle leerlingen en gaan we samen op zoek naar wie baat kan hebben bij deze extra uitdaging.

Want uiteindelijk is onze visie eenvoudig: elk kind verdient onderwijs dat hem of haar uitdaagt om te groeien. Voor de ene leerling betekent dat extra ondersteuning, voor een andere leerling verdieping en verrijking. Da Vinci is één van de manieren waarop we leerlingen de kans geven om hun mogelijkheden maximaal te benutten.

Wat houdt het traject precies in? Hoe moeten we ons de Da Vinci-werking voorstellen?

In de tweede graad bouwen we verder op wat we in de eerste graad hebben opgezet. We blijven sterk inzetten op het ontwikkelen van executieve functies, zoals plannen, organiseren, zelfstandig werken, doelgericht werken, doorzetten en reflecteren over het eigen leerproces.

Tegelijkertijd gaan we een stap verder. Leerlingen krijgen de mogelijkheid om binnen hun Da-Vinci-traject een extra vak te kiezen. We willen hen zo de kans geven om zich niet alleen verder te ontwikkelen in hun leer- en werkvaardigheden, maar ook om hun interesses te verbreden en hun talenten in andere domeinen te ontdekken.

Zo kan bijvoorbeeld een leerling die Natuurwetenschappen volgt, ervoor kiezen om Economie of Socio-psychologie als extra vak op te nemen. Op die manier krijgt een leerling de mogelijkheid om buiten de eigen studierichting kennis en vaardigheden op te doen in een ander domein.

De keuze voor een extra vak gebeurt uiteraard in overleg en wordt besproken tijdens de klassenraad. We bekijken daarbij of de leerling voldoende mogelijkheden en ruimte heeft om dit extra vak op een zinvolle manier op te nemen. Het is niet de bedoeling om leerlingen zomaar meer werk te geven of hen te overbelasten. We willen vooral een passende uitdaging bieden.

Van een Da-Vinci-leerling verwachten we daarom steeds meer zelfstandigheid, initiatief en verantwoordelijkheid. We willen leerlingen stap voor stap leren om zelf keuzes te maken, hun werk te plannen, uitdagingen aan te gaan en te reflecteren over hun eigen leerproces.

Da Vinci is één van de manieren waarop we leerlingen de kans geven om hun mogelijkheden maximaal te benutten.

Hoe verliep het vorig schooljaar? Hoe deden de leerlingen het en wat waren de reacties van de ouders?

We hebben vorig schooljaar heel positieve en dankbare reacties mogen ontvangen, zowel van leerlingen als van ouders. Leerlingen geven aan dat ze het fijn vinden dat we in hen geloven en hen aanmoedigen om telkens een stapje verder te gaan. Ze ervaren dat we niet alleen kijken naar wat ze vandaag kunnen, maar ook naar wat er nog in hen zit en welke mogelijkheden ze verder kunnen ontwikkelen.

Wat ons bijzonder raakt, is dat heel wat leerlingen ook heel expliciet benoemen hoeveel ze de inspanningen van de vakleerkrachten appreciëren. Ze voelen dat leerkrachten tijd maken, hen begeleiden, hen uitdagen om niet te snel tevreden te zijn met wat ze al kunnen. Dat zorgt bij de leerkrachten zelf voor een heel warm en gelukmakend gevoel. Je merkt dat de inspanningen die je als leerkracht doet, echt gezien en gewaardeerd worden.

Daarnaast zien we dat leerlingen tijdens het traject ook zichzelf tegenkomen. Uitgedaagd worden betekent immers niet dat alles vanzelf gaat. Soms botsen leerlingen op iets wat moeilijker is dan verwacht en komen ze letterlijk in een soort leerkuil terecht. Ze moeten dan leren omgaan met frustratie, onzekerheid of het gevoel dat iets niet onmiddellijk lukt.

Een mooi voorbeeld is een leerling die gaandeweg ontdekt dat hij of zij sneller hulp moet durven vragen. Sommige cognitief sterke leerlingen zijn het gewend om veel zaken zelfstandig en snel op te lossen. Wanneer ze voor het eerst echt worden uitgedaagd, ontdekken ze dat hulp vragen geen teken van zwakte is, maar net een belangrijke vaardigheid in hun leerproces.

Dat vinden we minstens even waardevol als de inhoudelijke resultaten. We willen leerlingen niet alleen verder laten groeien in hun kennis en vaardigheden, maar hen ook leren omgaan met uitdaging, fouten en moeilijkheden.

En net daarin zien we een grote meerwaarde van Da Vinci: leerlingen ontdekken niet alleen wat ze kunnen, maar ook waar hun grenzen liggen, wat ze nodig hebben om verder te groeien en hoe ze zelf verantwoordelijkheid kunnen nemen voor hun leerproces.

Zijn er valkuilen of gevaren bij dit project?

Een belangrijke valkuil is dat we niet elke cognitief sterke leerling automatisch detecteren. We kunnen leerlingen over het hoofd zien, zeker wanneer hun mogelijkheden niet onmiddellijk zichtbaar zijn in hun resultaten of wanneer ze onderpresteren. We willen daarom ook voorzichtig zijn met het idee dat onze selectie volledig is. We weten dat we soms leerlingen missen.

Net daarom vinden we het belangrijk om onze werking zo open en laagdrempelig mogelijk te houden. In de tweede en derde graad krijgen leerlingen daarom ook de mogelijkheid om zelf aan te geven dat ze graag een extra vak willen opnemen. Op die manier willen we ook leerlingen bereiken die aanvankelijk niet als Da-Vinci-leerling werden aangemeld, maar bij zichzelf wel een sterke motivatie en behoefte aan extra uitdaging ervaren.

Vorig schooljaar hebben bijvoorbeeld twee meisjes die oorspronkelijk niet voor Da Vinci waren aangemeld, zelf aangegeven dat ze graag wilden deelnemen. Ze waren bijzonder gemotiveerd om die extra uitdaging aan te gaan. We hebben hen die kans gegeven en beide leerlingen hebben het bijzonder goed gedaan. Wat ons misschien nog meer bijblijft, is hoe dankbaar ze waren dat we in hen geloofden en hen de kans hebben gegeven om zichzelf te bewijzen.

Dat bevestigt voor ons dat we niet te veel vanuit een vaststaand label of een eenmalige selectie mogen vertrekken. Soms moet je een leerling gewoon de kans geven om te laten zien wat er mogelijk is.

Een tweede aandachtspunt is dat extra uitdaging niet automatisch voor elke leerling een meerwaarde is. We moeten blijven kijken naar de totale draagkracht van een leerling en ervoor zorgen dat uitdaging niet omslaat in overbelasting. Ook daarom blijft de bespreking en opvolging binnen de klassenraad belangrijk.

Onze grootste uitdaging is misschien wel om de deur zo open mogelijk te houden. We willen niet alleen de leerlingen bereiken van wie we vandaag al weten dat ze sterk functioneren, maar ook die leerling die we misschien nog niet gezien hebben en die zelf zegt: “Ik wil dit proberen, ik denk dat ik dit kan.” Dat vinden we een heel belangrijke gedachte binnen onze werking.

Wat is voor jou als coördinator belangrijk? Wanneer ben jij tevreden over dit project?

Voor mij is het allerbelangrijkste dat ik gelukkige kinderen zie. Leerlingen die op het einde van het schooljaar terugkijken en zeggen: “Ik ben blij dat ik deze stap heb gezet.” Dat vind ik nog waardevoller dan het behalen van mooie resultaten.

Natuurlijk willen we leerlingen cognitief uitdagen en hen verder laten groeien in kennis en vaardigheden. Maar voor mij gaat Da Vinci over veel meer dan dat. Ik wil dat leerlingen gedurende het schooljaar hun eigen gereedschapskist om te leren verder vullen. Ze ontdekken welke manier van leren bij hen past, leren plannen en organiseren, leren doorzetten wanneer iets moeilijk wordt, leren hulp vragen wanneer dat nodig is en leren reflecteren over hun eigen leerproces.

We zien leerlingen ook echt groeien in hun executieve functies. Ze leren bijvoorbeeld beter plannen, hun werk structureren, prioriteiten stellen en omgaan met iets wat niet meteen lukt. Dat zijn vaardigheden waar ze niet alleen tijdens Da Vinci iets aan hebben, maar die ze hun hele verdere schoolloopbaan kunnen gebruiken.

Uiteindelijk willen we hen een stap dichter brengen bij verder studeren. We willen hen niet alleen kennis meegeven, maar vooral ook de tools en het vertrouwen om die volgende stap te kunnen zetten. Als een leerling aan het einde van het traject zegt: “Ik weet nu beter hoe ik moet leren, ik weet wat ik moet doen wanneer iets moeilijk wordt en ik durf meer op mezelf te vertrouwen”, dan is voor mij het project geslaagd.

En misschien is dat ook wat mij als coördinator het meeste voldoening geeft: zien dat leerlingen gaandeweg ontdekken wat ze kunnen, dat ze trots worden op hun eigen groei en dat ze met meer vertrouwen hun volgende stap zetten. Dat maakt het voor mij een bijzonder waardevol traject.

“Want uiteindelijk is onze visie eenvoudig: elk kind verdient onderwijs dat hem of haar uitdaagt om te groeien.”

Meer van Leonardo

Infomoment

Oud-leerlingen vertellen over hun studies

Het Leonardo College besteedt veel aandacht aan studiekeuzebegeleiding. Op de eerste schooldag kregen onze 6de jaars algemene informatie van de directie over hun traject naar het hoger onderwijs: welke stappen ondernemen we dit schooljaar met het oog op een bewuste studiekeuze? Traditioneel nodigen we begin september ook onze oud-leerlingen die nog studeren uit om te […]

Lees meer – Oud-leerlingen vertellen over hun studies
Leonardo

1 september, een mooie dag

De eerste schooldag is voor veel leerlingen elk jaar opnieuw een spannende dag. Op het Leonardo College was het dit jaar niet anders. Na een lange hete zomer was het tijd voor school. Hoe zien de vrienden eruit na een lange vakantie? Welke leerkrachten hebben we? In welke lokalen zitten we? Op het Leonardo College […]

Lees meer – 1 september, een mooie dag